Google moet 403 miljoen euro betalen vanwege overtredingen van de Europese privacywet AVG. De Ierse privacytoezichthouder Data Protection Commission (DPC) stelt dat Google tussen mei 2018 en februari 2020 niet op de juiste manier met locatiegegevens van gebruikers is omgegaan.
Boete voor Google
De zaak draait om de manier waarop Google locatiegegevens verzamelde, verwerkte en bewaarde. Volgens de DPC schond het bedrijf daarbij onder meer de regels voor transparantie. Gebruikers moesten volgens de toezichthouder beter worden geïnformeerd over wat er met hun locatiegegevens gebeurde.
Google gebruikte voor het verzamelen en verwerken van locatiegegevens drie functies: web- en appactiviteit, locatiegeschiedenis en locatieaccuraatheid. De periode waarover de DPC heeft geoordeeld loopt van 25 mei 2018 tot 4 februari 2020. Op 4 februari 2020 begon de Ierse toezichthouder het onderzoek naar de praktijken van Google.
Dat onderzoek kwam er naar aanleiding van meerdere klachten van Europese consumentenorganisaties. Ook de Nederlandse Consumentenbond diende eind 2018 een klacht in bij de Nederlandse Autoriteit Persoonsgegevens. Omdat Google zijn Europese hoofdkantoor in Ierland heeft, kwamen de klachten uiteindelijk bij de Ierse toezichthouder terecht. Naast de boete krijgt Google een aanvullende opdracht. Het bedrijf moet zijn verwerking van locatiedata binnen zes maanden in overeenstemming brengen met de AVG.
De reactie van Google
Google stelt dat de zaak betrekking heeft op oud beleid dat inmiddels is veranderd. Volgens het bedrijf zijn de werkwijzen sinds 2019 flink aangepast. Tegenwoordig biedt Google gebruikers bovendien verschillende mogelijkheden om hun locatiegegevens te beheren. Zo kun je instellen dat locatiegegevens automatisch worden verwijderd na 3, 18 of 36 maanden. Ook is het mogelijk om locatiegeschiedenis vanuit Googles cloudsystemen naar je eigen smartphone te verplaatsen.
Of er daarnaast nog een afzonderlijk onderzoek loopt naar de periode vanaf februari 2020, is niet bekend.




